• Glimmende koets

    Tussen de baby’s op sterk water, de elektriseermachines en opgezette dieren staren plotseling twee koplampen je aan. Op het eerste gezicht lijkt het alsof de beheerder van het museumdepot zijn wagen stiekem in de loods heeft geparkeerd. Maar de BMW blijkt toch een heel ander verleden te hebben.

    De 518 uit 1984 ziet er nog perfect uit. Blinkende koplampen, glimmende lak en geen deuk te bekennen. Hij kan zo naar een nieuwe eigenaar, op één probleempje na dan: d’r zit geen motor meer in. ‘Die is gebruikt om de invloed van drugs op het rijgedrag te testen’, weet de collectiebeheerder. ‘De auto was ooit van het Verkeerskundig Studiecentrum in Haren.’

    Gevaar

    Het centrum bestaat allang niet meer, maar een korte zoektocht verraadt dat rijsimulator expert Peter Van Wolffelaar er meer van weet. ‘Is die er nog? Ja, die komt uit het Studiecentrum, hij stond daar in het koetshuis van villa ‘t Huis de Wolf. We deden er onderzoek naar verkeersgedrag en met name de effecten van ouderdom en hersenbeschadiging’, bevestigt hij.

    Het instituut onderzocht het functioneren van mensen in het wegverkeer en deed dat door fietsers, wandelaars en automobilisten buiten te observeren. ‘We zochten eigenlijk een manier om onderzoek te doen in een gecontroleerde omgeving en zonder dat we mensen in gevaar brachten’, vertelt Van Wolffelaar. ‘John Michon, de oprichter van het instituut, wist toen een investeringssubsidie te regelen van 600.000 gulden, waarmee we een computer konden kopen. Dat was een heel groot ding, de SkyWriter, ontwikkeld door het Amerikaanse Silicon Graphics dat ook voor defensie systemen maakt. Dat was de allereerste computer die realtime grafische simulatie kon weergeven.’

    Een computer is één ding, om de virtuele verkeerssituaties realistisch te laten lijken moest er ook een auto komen. ‘Ik ben toen begin jaren negentig bij een BMW dealer langs gegaan aan de Oosterhamrikkade en zag daar deze auto staan. De eerste eigenaar was de directeur van de langste wasstraat van Groningen, Geling. Die man had er een paar jaar in gereden en ‘m heel goed verzorgd. Hij zag er als nieuw uit, er zat geen krasje op. Die hebben we toen voor zo’n drieduizend gulden gekocht’, zegt Van Wolffelaar.

    Blauw fluweel

    De BMW van Geling bleek perfect te zijn. Lekker ruim, zodat de apparatuur gemakkelijk kon worden ingebouwd en je gemakkelijk in en uit kon stappen. En hij had uitstraling. ‘Het moest er allemaal chique uitzien. We hadden ook de ruimte met blauw fluweel bekleed omdat we wilden dat de proefpersonen het serieus namen, en dat werkte ook goed. Het was een indrukwekkende ruimte met een mooie auto.’

    Bijna had het koetswerk het niet overleefd. Het was bij rijsimulators heel gebruikelijk om een auto doormidden te zagen. ‘We hebben ons suf gepiekerd over hoe we dat voor elkaar moesten krijgen. Toen zei verkeerspsycholoog Talib Rothengatter opeens: ‘Dan zagen we ‘m toch niet doormidden?’ Een eenvoudige en briljante gedachte. Toen hebben we ‘m maar helemaal naar binnen gebracht.’

    Tien jaar lang werd de BMW fulltime gebruikt voor onderzoek. ‘Hoe kun je een bestuurder zo goed mogelijk helpen bij zijn taak? Daar deden we onderzoek naar. Tegenwoordig is het heel normaal dat je allemaal hulpmiddelen hebt, maar die bestonden toen nog niet. Er werd een intelligent verkeerssysteem gebouwd dat over je schouder kon meekijken en je kon vertellen wat je wel en niet moest doen. Hou je je aan de snelheid? Hou je genoeg afstand? We konden met de BMW testen wat de beste methode was om de bestuurder te waarschuwen. Gebruiken we verbale instructies, trillingen in het stuur, of hou je het gaspedaal tegen?’, vertelt Van Wolffelaar.

    Koets

    Toen ’t Huis de Wolf uiteindelijk de deuren sloot, ging de BMW naar psychologie. Daar werd hij nog eens vier jaar ingezet voor onderzoek. ‘De auto moest op z’n kant worden gelegd om ‘m naar binnen te brengen.’ Maar niet veel later was het geld op en ging de BMW weer de deur uit. Ontmanteld naar het depot.

    ‘Die wagen stamt nog uit een romantische tijd dat je een hele koets wilde neerzetten, dat zou je nu niet meer doen’, zegt Van Wolffelaar. ‘Maar die BMW , dat was écht de allereerste.’