• Creatief in tentamentijd

    Tentamensmoezen

    Opa’s en oma’s overlijden opvallend vaak als hun studerende kleinkind een opdracht moet inleveren. Echt waar? Docenten krijgen veel opvallende ‘post’ in deze periodes.

    1. Hoge mortaliteit

    Rechtenstudenten vallen graag terug op ‘het probleem van de dode oma’, zegt Hans Vedder, hoogleraar economisch recht. ‘Ik ken weinig smoezen, of misschien zijn juristen eerlijker, maar het valt wel op dat er ontzettend veel opa’s en oma’s overlijden in het tweede semester. Dan geven we het grote vak Europees Recht, waarbij strenge deadlines gelden. Ik ben geen gezondheidsstatisticus, maar die hoge mortaliteit lijkt mij in ieder geval niet intuïtief, gelet op de griepepidemieën.’

    2. Gedetailleerd autoprobleem

    Letterenstudenten zijn creatiever met hun smoezen, denkt docent filmwetenschappen Miklós Kiss. Hij heeft zelfs een all time favorite.
    ‘Een student kunsten, cultuur en media-student meldde zich af voor een seminar, omdat hij beloofd had zijn vriendin naar Schiphol te brengen. De student wás van plan op tijd terug te zijn, maar precies die ochtend begaf zijn auto het. Hij moest de wagen van een vriend lenen, een veel beroerder exemplaar – het mooiste deel was nog de gedetailleerde vergelijking tussen de twee auto’s – en kon het rondje Groningen-Schiphol-Groningen niet op tijd maken. Ik aanvaardde het excuus en gaf hem een andere optie voor de gemiste presentatie. Niet omdat ik onder de indruk was – al was ik dat wel – maar ik was nieuw in Nederland en moest de couleur locale nog leren kennen.’

    3. Sorry, lang verhaal

    Docent Engelse taalkunde Hans Jansen herinnert zich één mail nog heel goed. Een collega ontving die en gooide hem nooit meer weg.

    ‘[…] Ik moet de rest even in het Nederlands typen ben geestelijk behoorlijk van streek en lichamelijk heb ik het gevoel alsof ik vandaag een marathon heb gelopen. Ik wil bij deze even uitleggen waarom u mijn scriptie vandaag niet krijgt. De reden is administratief, ik heb afgelopen zaterdag bericht gekregen van de RUG dat de incassering van mijn collegegeld in maart jongs leden, nou ja 5 maanden geleden maar ze komen er nu pas mee, niet geïnd is. An sich ook een beetje mijn schuld ik had vaker mijn transacties kunnen bekijken maar ja als je nooit problemen hebt met incasseringen en daarbij had ik dan al in april een herinnering verwacht. Maar goed ik heb maandag naar het secretariaat gebeld en ze zeiden aangezien ik toch vandaag in Groningen moest zijn het wel okay was om het te betalen van 12:00 tot 16:00. Er is mij er niet bij verteld dat dat niet contant mocht(ik had het contant bij me) en daarop moest ik weer naar mijn bank om het op de rekening te storten maar dat kan niet bij de SNS dat moet via het postkantoor en daar kan 4 dagen over heen gaan. Sorry van de lengte van dit verhaal. Daarop dacht ik ik ga naar de ABN en stort rechtstreeks op de rekening van de RUG, extra kosten geen probleem. Maar dat kon daar ook niet ze hebben geen kas dan maar op aanraden naar het station bij het GWK maar daar kon het niet omdat ik mijn legitimatiebewijs niet bij me had. Ik voel me kwaad, gefrustreerd en ontieglijk moe. Maar het feit blijft ik kon vandaag dus niet betalen en daarom kan ik mijn werk niet indienen via Nestor en ….’

    4. Overleden kat én cavia

    Die collega bij Engelse taal en letterkunde heeft nog een klassiek verhaal – al dan niet waar – in zijn mailbox.

    ‘[…] Ik ben bang dat ik de presentatie morgen niet zal kunnen doen. Toen we vrijdagavond terugkwamen van vakantie, bleek onze oude kat in hele slechte staat te zijn. Ze overleed zaterdag. Ook mijn cavia was zeer uitgedroogd. Het leek even alsof hij aan de beterende hand was maar vandaag was hij weer erg ziek. De dierenarts zei dat zijn nieren niet meer werkten. Dus moesten hem in laten slapen. Als gevolg van dit alles heb ik niets kunnen doen, het spijt me. Kan ik een vervangende opdracht doen? Ik wilde u ook nog laten weten dat ik morgen niet op college kan komen omdat we ‘Lightening’ naar het crematorium brengen. Ik hoop niet dat dit een probleem wordt, ik weet niet hoeveel colleges ik mag missen. [..]’

    5. Omkoperij

    ‘De meest fantastische smoes die ik ooit gehoord heb, komt van jaren terug’, zegt Francesco Picchioni, docent bij wiskunde en natuurwetenschappen. ‘Ik ben Italiaan, dat weet iedereen en dat kun je ook horen. Ik gaf het vak scheikundige processen, een vak met thuisopdrachten en harde deadlines. Vlak voor een deadline kreeg ik een mail: “Beste Francesco. Ik kan mijn opdrachten niet inleveren omdat ik dan een pokertoernooi heb.”
    Ik mailde terug dat dat natuurlijk geen reden is. “Maar het pokertoernooi is in Italië. U bent Italiaan, dus ik dacht, dat moet wel lukken.”
    Het werkte natuurlijk niet maar ik vond het wel fantastisch dat hij me met Italië probeerde “om te kopen”.’

    6. Wel op tijd maar…

    Ook bij keurig op tijd ingeleverde opdrachten bekruipt het ‘ik geloof er niks van’-gevoel RUG-Docent van het Jaar Justin Kroesen wel eens. Zo ontving de docent kunstgeschiedenis van het christendom een verdacht verslag. ‘De opdracht was: kerk bezoeken, en verslag en foto’s inleveren. Maar de foto’s en beschrijvingen leken van internet geplukt.’
    Hij besloot de confrontatie aan te gaan en vroeg de student het tegendeel te bewijzen. ‘Dat kon die niet. De foto’s konden niet worden opgestuurd, want ‘de camera was kapot’.’

    7. Verzameling

    Wie schrijft die blijft. Bij docent communicatie- en informatiewetenschappen Wim Vuijk althans. Hij bewaart vanaf dag één van zijn loopbaan alle geschreven excuusbriefjes van studenten. Een bloemlezing:

    De allereerste

    ‘Het is 19 april 1984. Om half negen ’s avonds stopt voor mijn deur een auto van een bedrijf dat per express post bezorgt. Dat gebeurde toen niet vaak voor het studentenhuis aan de Grote Rozenstraat, waar ik, studentassistent, woonde. Ik krijg een doos met een envelop erop geplakt. Ik open de envelop, er zit een blauwe kaart in met roze opschrift: SORRY. En een tekst: Geachte Meneer Vuijk, Hier is dan eindelijk mijn opdracht. Wanneer U zegt, dat het veel te laat is ingeleverd, ben ik dat volkomen met u eens, maar ik kan een paar dingen te mijner clementie aanvoeren. Ik heb tentamens moeten doen in de tussentijd én – al klinkt het u misschien vreemd in de oren – ik wist niet hoe ik beginnen moest met dit referaat. Geen inspiratie. Van de week heb ik er pas iets van kunnen maken, met dit als resultaat. Het spijt mij enorm, dat u het niet eerder van mij heeft ontvangen. Ik hoop echter dat het artikel alsnog ingeleverd mag worden. Ik wens u heel prettige Paasdagen en zie U waarschijnlijk dan wel weer op het college van 1 mei. ‘

    Hand in eigen boezem

    ‘Hierbij mijn herkansing opnieuw. De reden is dat mijn vorige versie erg slordig is, dat komt mede dankzij tijdsgebrek en andere omstandigheden, ik heb het onderzoek daarom afgeraffeld, ik baal ontzettend van het werk dat ik nu bij u heb ingeleverd, omdat ik weet dat ik het beter kan.’

    Overmacht!

    ‘Enigszins verlaat, enigszins verkreukeld kom ik dit in een te kleine envelop inleveren. U zult begrijpen, paniek!’

    ‘Excuses voor het ietwat late inleveren. Toen ik vanmorgen mij nog eens voor de laatste, maar dan ook echt misschien wel voor de allerlaatste keer achter mijn computertje nestelde om nog het een en ander af te ronden, veroorzaakte mijn huisbaas kortsluiting met als gevolg het uitvallen van de computer en het wegvagen van een groot deel van het verslag. Het lijkt wel een slechte smoes… Met alle krachten die ik nog in mij had, heb ik me ertoe kunnen zetten dit verslag te voltooien in de hoop dat u het nog voor me wilt nakijken. En ach, ik moet hierbij aan u toegeven dat ik nu toch wel een beetje met weemoed terug kijk naar de drie jaren lange ervaring met het geweldige vak dat Onderzoekspracticum heet…. Ondanks al die avonden dat ik heb zitten balen, dacht te verdrinken in theorieën, leek vast te lopen in analyses maar toch steeds weer verder moest, ben ik blij dat ik het heb mogen meemaken (goh, ik word er bijna emotioneel van…). En nu moet u mij nog redden van de ondergang! Ik zal u eeuwig dankbaar blijven!’

    Deadline is rekbaar begrip

    ‘Hopelijk vindt u mijn oplossing om dit essay nog te bezorgen goed. Ik heb er vandaag zelfs nog aan gewerkt, vandaar dat ik eigenlijk te laat ben met inleveren. Misschien telt zaterdag (geen werkdag) nog als vrijdag?’

    ‘Ik ben in de constante veronderstelling geweest dat ik dit verslag tijdens de herkansingsperiode mocht inleveren, maar ik kwam er deze week achter dat ik dat heb gebaseerd op uw mail van meer dan een jaar geleden!’

    Goed excuus

    ‘Ik ben herstellende van een ernstig auto-ongeluk en ben niet eerder in staat geweest langs te komen.’

    ‘Hoi Wim! Hierbij de laatste opdracht, een beetje te laat. Een dag. In de krant van zaterdag vond ik nog een artikel over Bob Dylan (Vuijk is groot fan, red.) . Misschien vind je het leuk om te lezen! Zie je dat ik niet niks heb gedaan!’